`

Duurzame kleding: de uitzondering of de nieuwe norm? Deel 2

  • Geplaatst op
  • Door Lonneke Bakker
  • 0
Duurzame kleding: de uitzondering of de nieuwe norm? Deel 2

In deel 1 van dit blog gaf ik tekst en uitleg over Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen convenanten. In deel 2 zoom ik wat verder in op het textielconvenant. Zal een dergelijke samenwerking effect hebben? Wat zijn de voordelen van een dusdanig IMVO convenant? En gaat het IMVO convenant kleding en textiel de beloftes waar maken?

Deel 2: Vijf voordelen van het IMVO convenant voor duurzamere kledingproductie 



Een beetje historie...  

Voordat er sprake was van een IMVO convenant, was er in de textiel- en kledingsector al een initiatief om werk te maken van duurzaamheid. Het 'Plan van aanpak Verduurzaming Nederlandse textiel- en kledingsector' werd gepresenteerd tijdens het tweede MVO congres met de pakkende titel 'Groen is de Rode Draad'. Anno 2015 waren er vele bedrijven die het plan hadden ondertekend, maar de hoeveelheid bedrijven die mee wilden doen met workshops en projecten onder het plan viel tegen.  


Het IMVO Convenant Kleding en Textiel, oftewel textielconveant, is in vergelijking met het Plan van Aanpak minder vrijblijvend en met meer concrete afspraken.  Er is natuurlijk ook al het Bangladesh akkoord, waarin getracht is de veiligheid in productie-locaties in Bangladesh te vergroten. En er zijn tal van ‘vrijwillige’ initiatieven waar bedrijven zich bij aan kunnen sluiten, zoals de Fair Wear Foundation en de Sustainable Apparel Coalition


Kritische partijen geven dan ook aan dat het convenant nog niet ver genoeg gaat. De problemen zijn al lang bekend, en in plaats van de identificatie van misstanden, zou de focus nu eens eindelijk op het aanpakken ervan moeten liggen, vinden ze.  En zouden bedrijven nu echt eens werk moeten maken van oplossingen. De  Schone Kleren Campagne  bijvoorbeeld, heeft wel aan de onderhandelingstafel gezeten voor het IMVO convenant, maar heeft het convenant uiteindelijk niet getekend.  




Heeft het textielconvenant dan wel zin?

Wat mij betreft is het IMVO convenant glas niet heel erg vol, maar zeker ook niet leeg. Superharde, kwantitatieve doelstellingen maken was (helaas) vrijwel onmogelijk; daarvoor was het startpunt nog onvoldoende bepaald. De convenants-partijen weten nog niet welke bedrijven mee zullen doen, of die al aangesloten zijn bij gelijksoortige initiatieven waardoor ze al een voorsprongetje hebben, en welke risico’s deze bedrijven zelf aan zouden willen pakken.  Voor veel kledinglabels is hun productieketen helemaal nog niet in beeld; ze weten soms niet eens welke fabriek er voor hun leverancier zit in de keten. 


Bovendien wil je natuurlijk liever dat partijen werken met de meest ernstige misstanden en productie-bedrijven, en die geleidelijk verbeteren, dan dat ze hun productie verplaatsen naar partijen die al wat beter bezig zijn om zo toch maar de afgesproken doelstellingen van het convenant te kunnen halen. 


Het was wellicht beter geweest als geïnteresseerde bedrijven aan tafel hadden gezeten om mee te praten over de afspraken in het convenant, zodat er meer specifieke en realistische doelen vastgelegd hadden kunnen worden. Meer duidelijkheid vanuit de overheid over de verwachtingen van een dusdanig convenant, en over de financiële steun voor de uitvoering ervan was ook niet verkeerd geweest. Het controleren van de activiteiten die bedrijven ondernemen in hun internationale keten zal geen gemakkelijke, en zeker een kostbare zaak worden. 


Verder is er nog veel onduidelijkheid over hoe het secretariaat van het convenant precies zal gaan functioneren, en vooral over hoe effectief het zal zijn om kritiek te leveren op bedrijfsplannen om zo de ambities van de bedrijven op te schroeven. Bovendien zal het zich moeten uitwijzen of het klachtenmechanisme onder het convenant ook echt toegankelijk zal zijn voor de benadeelden diep in de keten...


Maar wat zijn dan precies de voordelen van een dergelijke samenwerking?  



Voordeel 1: Due diligence uitgevoerd in kleding productieketen

Ten eerste wordt er van deelnemende kledingbedrijven aan het textielconvenant verwacht dat ze verder kijken dan het bedrijf waar ze inkopen. Dus ook kijken naar hoe de kleding geproduceerd is, hoe het textiel gemaakt is en zelfs hoe de grondstoffen voor het textiel gewonnen zijn. Dat is al een hele stap, want bedrijven kijken vaak niet verder dan de leverancier van de kleding. En nu wordt er verwacht dat men het hele productie-proces eens goed onder de loep neemt. Dit proces heet 'Due Diligence', ongeveer te vertalen als 'risico-analyse en management'. Daarnaast is het de bedoeling dat er concrete verbeterplannen opgesteld worden om misstanden aan te pakken.  


Men weet dus dadelijk hoe een product precies gemaakt is.


De Nederlandse overheid zou graag zien dat de sector van 'naming and shaming' overgaat naar 'knowing and showing'. Door due diligence toe te passen op de hele productieketen, zullen textielbedrijven meer inzicht krijgen in hoe het gebruik van bepaalde textielsoorten, productielocaties of productie-eisen die gesteld worden, invloed hebben op arbeidsomstandigheden en het milieu. En er wordt van ze verwacht veranderingen aan te brengen met betrekking tot grondstof gebruik, prijzen, leveringstijden etc. zodat de kleding ook eerlijk en schoon gemaakt kan worden.  



Voordeel 2: Sociale, milieu- en dierenwelzijnsproblemen in de textielindustrie aangepakt

Tijdens de due diligence in de productie-keten wordt aan het bedrijfsleven gevraagd te kijken naar negen specifieke thema's in de textiel productieketen:


* discriminatie en gender,  

* kinderarbeid,  

* gedwongen arbeid,  

* vrijheid van vakvereniging,  

* leefbaar loon,  

* veiligheid en gezondheid van de werkplek,  

* grondstoffen,  

* watervervuiling en het gebruik van chemicaliën, water en energie en  

* dierenwelzijn.  

De toevoeging van dierenwelzijn aan dit rijtje is een interessante ontwikkeling – niet eerder werd er zo nadrukkelijk vast gelegd dat ook dierenleed voorkomen moet worden door bedrijven die internationaal maatschappelijk verantwoord willen ondernemen (maar daarover later meer!).



Het is niet mogelijk voorbij te gaan aan misstanden die men niet wilt zien of aanpakken.   



Dus ten tweede zorgt het IMVO kleding en textiel convenant ervoor dat bedrijven niet meer zelf kunnen kiezen welke specifieke problemen ze vooral willen oplossen; ze moeten al deze zaken eens flink onder de loep nemen. En uitleggen wat ze tegen komen in hun keten, en of en wat ze daar precies aan zullen gaan doen. Hun jaarlijkse bedrijfs-actieplan wordt vervolgens geëvalueerd door het secretariaat van het convenant, en waar nodig worden suggesties gedaan ter verbetering.



Voordeel 3: Multi-stakeholder participatie zorgt voor meer kennis en kunde

Ten derde is dit een zogenaamd multi-stakeholder initiatief. Niet alleen de overheid bekijkt of de bedrijven wel goed bezig zijn, ook vakbonden en NGO's doen mee binnen dit initiatief. Van de ene kant zal dit bedrijven misschien afschrikken om deel te nemen aan het convenant: ze worden veel nauwer en kritischer bekeken. Van de andere kant kunnen de vakbonden en maatschappelijke organisaties bedrijven helpen met kennis en kunde, en hebben zij soms ingangen bij overheden of lokale organisaties die bedrijven en Nederlandse overheid zelf niet hebben. 



Samen weet men meer. 



Daarnaast is een onafhankelijke blik van vakbonden en maatschappelijke organisaties nodig om dit tot een geloofwaardig initiatief te maken – als bedrijven beweren dat ze goed bezig zijn, kan dit bevestigd (of ontkracht) worden door andere partijen. Kennis van de situatie in fabrieken is soms lastig boven tafel te halen; vakbonden en NGO’s kunnen dan helpen doordat ze contacten hebben met mensen op de werkvloer. Bovendien sta je samen sterker. Vooral binnen een industrie waar zoveel mis is dat het erg lastig wordt voor een enkel bedrijf om alles op te lossen. Mooi bruggetje naar voordeel nummer 4:



Voordeel 4: Vergroten van de invloed om misstanden aan te pakken

Een enkel Nederlands kledingbedrijf heeft natuurlijk weinig invloed en kan de grote problemen in de industrie amper oplossen. Kledingfabrieken, spinnerijen, weverijen, katoenboerderijen etc. leveren vaak aan meerdere bedrijven. Dus als een (klein) Nederlands bedrijf ineens hoge eisen gaat stellen aan de productie-omstandigheden en de gebruikte methodes zal dat weinig effect hebben. Als er echter meerdere kledinglabels, samen met vakbonden, lokale organisaties en wellicht zelfs lokale overheden eisen gaan stellen voor een socialere en schonere kledingproductie, heeft dit veel meer impact. De invloed, oftewel 'leverage', die uitgeoefend kan worden is vele malen groter, dan wanneer een bedrijf alleen opereert. 






Samen bereikt men meer. 



Bovendien zullen er zaken omhoog komen uit de risico-analyses van bedrijven die een individueel bedrijf qua financiën en manskracht niet aan kan pakken. Op dat moment kan de Nederlandse overheid fondsen beschikbaar stellen om een programma op te zetten om zo gezamenlijk zaken aan te pakken.



Voordeel 5: Internationaal uitrollen

Mooi initiatief dus, zo'n IMVO convenant voor de kleding en textielsector. Maar nog steeds vooral iets wat vanuit Nederland gedaan wordt. En de grootste kledingbedrijven zijn niet Nederlands...Het goede nieuws is echter dat er ook in andere Europese landen soortgelijke initiatieven opgestart zijn. In Duitsland is er bijvoorbeeld de Textilbundniss. Binnen de EU wordt er al een tijdje gesproken over een 'EU flagship initiative for the garment industry'. 


Nederland loopt nu nog voorop, maar geeft het goede voorbeeld voor andere landen. 


Bij het IMVO CKT is de verwachting dat zich dit jaar nog 35 Nederlandse kledingbedrijven zullen aansluiten. En er is hoop dat ook die grote niet-Nederlandse kledingbedrijven die wel al bezig zijn met duurzaamheid zich aan zullen sluiten om gezamenlijk sterker te staan. Het is zeer waarschijnlijk dat er op termijn ook een Europees-wijde samenwerking ontstaat om de kleding- en textielproductie internationaal te verduurzamen. 

Nederland loopt nu dus nog voorop met dit initiatief, maar legt wel een mooie basis voor verdere internationale samenwerking om de kleding productie-keten te verduurzamen!



Levert het IMVO convenant resultaat op?

Is dit nu een 'papieren tijger' waar geen concrete resultaten uit voort zullen komen zoals de kritische partijen claimen? Een 'greenwashing' mogelijkheid voor kledingbedrijven die alsnog hun fast fashion aan de consument willen slijten? Ijdele hoop van deelnemende organisaties en vakbonden, dat er nu eindelijk wel eens serieus naar de misstanden bij kledingproductie wordt gekeken? Volgens sommige kritische partijen gaat het convenant nog lang niet ver genoeg met concrete afspraken maken, en moet er een grotere rol komen voor lokale partijen om bedrijven te controleren. En sommigen beweren zelfs dat due diligence sowieso niet zal werken omdat de transparantie bij producenten ver te zoeken is.


Van de andere kant wordt de druk op kledinglabels om iets te doen opgevoerd door de overheid. Bedrijven die meedoen aan het textielconvenant kunnen steun verwachten, bedrijven die niets doen kritiek. En misschien op termijn wel extra heffingen als ze niet meedoen aan dit initiatief.


Door due diligence uit te voeren in de hele keten, op alle negen thema’s, vindt er een zekere bewustwording plaats bij de bedrijven over hoe hun product gemaakt wordt, en wat voor invloed zij daar op hebben. En bewustwording is het begin van verantwoordelijkheid nemen en verbeteringen aanbrengen.



Door de samenwerking kan er samen opgetreden worden en kennis uitgewisseld worden. Een bedrijf staat er dus niet alleen voor. En zaken die enorm lastig zijn om aan te pakken kunnen een grotere focus krijgen van overheid, NGO’s en vakbonden. En bovendien internationaal opgespeeld worden.

Met een steeds bewustere, en dus steeds kritischere, consument, zullen bedrijven sowieso die slag moeten maken van 'naming and shaming' naar 'knowing and showing'. Die bedrijven die meedoen met het convenant (of een soortgelijk initiatief) laten zich nu alvast van hun beste kant zien, door te weten wat er speelt, en de consument daarover op een eerlijke manier voor te lichten. Marketing-technisch kan dat enorme voordelen opleveren.



Concluderend

Net als de 'strijd' voor de productie van meer groene energie, milieu-vriendelijkere auto's, slaaf-vrije chocolade en hout uit duurzaam beheerde bossen, is dit geen gemakkelijke weg. En zullen er vast en zeker wel bedrijven of andere partijen zijn die niet helemaal transparant willen zijn of zelfs zullen liegen. Om nog maar niet te spreken van bedrijven die zullen doen alsof ze goed bezig zijn, terwijl dat eigenlijk niet zo is. 



Maar ondanks dat er scheefrijders en meelifters zullen zijn, komt er ook in deze industrie een beweging op gang die de slavenarbeid, uitbuiting, discriminatie, milieuvervuiling en dierenleed zichtbaar en daarmee oplosbaar maakt. 



Ik zie het IMVO convenant als (nog) een stap in het tegengaan van de duistere zaakjes in die o-zo-mooi-voorgeschotelde mode-wereld. Misschien is dit IMVO convenant zelfs wel het begin van de verantwoordelijkheid leggen bij de westerse bedrijven die grote winstmarges halen, maar niet de sociale en milieu-kosten dragen van de vuile en oneerlijke kledingproductie in het buitenland. 



Zal het convenant de belofte van een eerlijke, schone kledingproductie waarmaken? We zullen het zien de komende jaren, als dit IMVO convenant in de praktijk gebracht wordt! 




----------------------------------------------------
Vond je bovenstaande informatie interessant en wilt je meer van mijn inzichten horen? Bekijk de mogelijkheden om mij uit te nodigen voor een interessant gesprek of een inspirerend verhaal.



Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden
Wij slaan cookies op om onze website te verbeteren. Is dat akkoord? Ja Nee Meer over cookies »